Omdat de focus binnen waardegedreven zorg veelal ligt het meten van uitkomsten van zorg, blijven de kosten vaak nog onderbelicht. Esmée, lid van de Linnean werkgroep ‘Sturen op uitkomsten én kosten’, heeft met haar proefschrift 'Turning Costs into Actionable Insights for Value-Based Health Care' een waardevolle bijdrage aan de verdere ontwikkeling van waardegedreven zorg geleverd. We vroegen haar naar haar ervaringen.
Wat is je werkgebied?
‘Ik ben gezondheidseconoom bij het LUMC en deed promotieonderzoek bij de afdeling Biomedical Data Sciences. Op dit moment ben ik senior onderzoeker op het gebied van alternatieve bekostiging. Op de afdeling neurologie werk ik aan de ontwikkeling van een alternatief bekostigingsmodel, gericht op palliatieve zorg voor patiënten met een kwaadaardige hersentumor. Binnen BUNDLE (een interdisciplinair expertisecentrum) richt ik mij op de knelpunten in de bekostiging van de domeinoverstijgende eerstelijnszorg. In mijn onderzoek werk ik samen met patiëntvertegenwoordigers, wijkverpleging, huisartsen, ziekenhuizen en zorgverzekeraars. Mijn doel is om de kloof tussen onderzoek, beleid en klinische praktijk te overbruggen.’
Waarom koos je dit onderwerp?
‘In de praktijk zie je dat er veel aandacht is voor de uitkomsten van het organiseren van waardegedreven zorg (WGZ) maar dat het kostenaspect vaak onderbelicht blijft. WGZ is erop gericht om de waarde van zorg voor patiënten te optimaliseren door gezondheidsuitkomsten per bestede euro te maximaliseren. Ondanks deze dubbele focus worden de gemaakte kosten bij de invoering van WGZ vaak over het hoofd gezien. Ik heb me in mijn promotieonderzoek daarom beziggehouden met de vraag hoe je die kosten wel kunt laten meewegen.’
Wat waren je onderzoeksvragen?
‘Dat waren er twee: Wat is waarde en hoe kunnen we kosten meenemen in de implementatie van waardegedreven zorg? En; hoe kan inzicht in ziekenhuiskosten bijdragen aan het verbeteren van zorg?’
Hoe ging je te werk?
‘Mijn onderzoek was praktijk gestuurd. Binnen het LUMC bestaat een uitgebreid WGZ-programma waar tien zorgpaden bezig waren met de implementatie. Het LUMC heeft sinds 2016 inzicht in alle kosten per patiënt, welke zorg deze heeft gehad en bij wie. Deze dataset vormde de basis voor mijn promotieonderzoek. We hebben een open oproep gedaan binnen het WGZ-programma en drie zorgpaden deden mee. Belangrijke voorwaarde was dat de zorgprofessionals zelf nieuwsgierig waren naar de kosten en ideeën over verbeteringen in het zorgpad hadden.
Samen met de zorgverleners uit de deelnemende teams zijn we gaan kijken hoe we die kosten konden integreren in de bestaande verbeterdashboards. Kun je daar kosten in opnemen, welke dan, en er vervolgens ook verbeteracties aan koppelen? En die data ook weer gebruiken om die verbeteracties te evalueren?’
Waar liep je tegenaan?
‘Vaak hadden zorgverleners goede ideeën voor verbeteracties maar soms hoorden we ook; ‘We werken al zo efficiënt mogelijk’. Dan ging je in de data kijken of dat klopte. Vaak bleek er toch wel verbetering mogelijk. In het zorgpad rond schildklierkanker zagen we dat een heel groot deel van de kosten bestond uit diagnostiek. Dat kwam omdat patiënten vrij vaak terug moesten komen voor een mislukte diagnostische punctie. Daar hebben we een verbeteractie aan gekoppeld. Dat bleek heel eenvoudig; de invoering van een nieuwe naald die volgens collega’s uit een ander ziekenhuis veel betere resultaten gaf. Daarna bleken patiënten veel minder herpuncties nodig te hebben en dus minder vaak terug hoefden te komen.
Binnen het zorgpad voor hoofd-halsoncologie bleek dat patiënten bovengemiddeld vaak op de eerste hulp kwamen, daar is nu een extra spreekuur ingericht waar patiënten ook spontaan kunnen inlopen.
Na een tijdje gingen we evalueren of deze maatregelen positieve effecten hadden op de zorg en de kosten. Vaak zagen we dat de zorg wel bescheiden verbeterde maar dat de kosten gelijk bleven. Het beloven van besparingen blijkt vaak makkelijker dan ze achteraf kunnen waarmaken.’
Geen bewijs dat waardegedreven zorg leidt tot lagere ziekenhuiskosten
Wat zijn de voornaamste conclusies?
‘Waardegedreven zorg hanteert nu nog een vrij smalle blik op kosten, vaak is het perspectief gericht op de beheersing van de ziekenhuiskosten. Voor de patiënt zijn zaken als reiskosten of een eigen bijdrage ook belangrijk. Die spelen in de sturing binnen het ziekenhuis nog geen rol. We moeten dus breder nadenken over welke kosten er van belang zijn. Oftewel; wat goed is voor het ziekenhuis, is niet automatisch het beste is voor de patiënt.
Het is heel goed mogelijk om kosten op grote schaal te meten, dat gebeurt al in veel ziekenhuizen. Met behulp van dashboards kun je via een extra koppeling de kosten voor een behandeling ook inzichtelijk kan maken voor de zorgverleners. Op basis daarvan kun je snel(ler) kwaliteitsverbeteringen doorvoeren.
Bij het LUMC hebben we geen bewijs gevonden dat de invoering van WGZ leidt tot lagere ziekenhuiskosten. Terwijl kostenverlaging wel vaak een belangrijke trigger is om WGZ in te voeren. Die laatste conclusie sluit overigens aan op de uitkomsten van eerdere onderzoeken elders.’
Waardegedreven zorg focust vooral op ziekenhuiskosten, nauwelijks op patiëntkosten
Handvatten voor andere ziekenhuizen
- Oproep aan zorgverleners; ga zelf aan de slag. Zorgverleners weten vaak het beste, samen met de patiënt, waar verbeteringen mogelijk zijn. Wees ook niet bang om met bijvoorbeeld een financiële expert na te denken over hoe je dat kunt gaan doen.
- Veel ziekenhuizen werken nog met aparte budgetten per afdeling. Terwijl patiënten vaak door verschillende afdelingen worden geholpen. Je kunt die budgetten zo inzetten dat ze veel beter aansluiten op de zorgpaden. Door van een verticale meer naar een horizontale structuur te gaan is er veel winst te behalen.
- Investeer in een data-infrastructuur waarmee je financiële systemen kunt koppelen aan kwaliteitsdata, omdat dat heel belangrijk is om waardegedreven zorg te laten slagen.
- De zorg krijgt betaalt per patiëntencontact, ongeacht de kwaliteit die je levert; de zogenoemde volumeprikkel. Je kunt zorgverleners echter ook stimuleren om na te gaan denken of dit ook anders kan.
- In de spreekkamer ook de kosten van de patiënt te behandelen met betrekking tot het behandeltraject (denk aan reiskosten, niet of minder kunnen werken, de eigen bijdrage, thuisaanpassingen etc.).
Linnean werkgroep ‘Sturen op uitkomsten én kosten’
De werkgroep ‘Sturen op uitkomsten en kosten’, waar Esmée lid van is, heeft eerder onderzocht welke methoden er zijn om binnen zorginstellingen uitkomsten en kosten af te wegen. Dowload hier de whitepaper. De werkgroep werkt nu aan de webcast ‘Van theorie naar praktijk’ waarmee bestuurders, managers, en zorgprofessionals worden geïnspireerd om te sturen op uitkomsten en kosten in de dagelijkse zorgpraktijk. ‘Daarbij spelen ook praktische adviezen over inzicht in kosten een rol. WGZ draagt Time-Driven Activity-Based Costing aan voor het meten van kostprijzen, maar deze methodiek implementeren is erg tijdsintensief. Veel ziekenhuizen hebben al kostprijzen beschikbaar op basis van Activity-Based Costing en kunnen daar in de praktijk snel mee aan de slag.’