De manier waarop de ziekenhuiszorg wordt vergoed gaf ruimte voor businessmodellen die sterk gericht zijn op groei van het volume aan zorg. Helaas is de patiënt hiermee niet altijd gebaat, en overdiagnostiek en -behandeling liggen op de loer.
Ander bekostigingsmodel
Zorgverzekeraars krijgen nu mogelijkheden om hier steviger op te gaan sturen. Niet-bewezen zorg moet uit het basispakket en er komt minder ruimte voor niet-gecontracteerde zorg. Dat klinkt allemaal logisch, maar het betekent wel een enorme omslag voor ziekenhuizen. Hun kosten en vaste lasten, denk aan vastgoed en hypotheken, krimpen immers niet vanzelf. Overgang naar een ander bekostigingsmodel wordt dus een complex verhaal. Maar als we passende zorg echt een kans willen geven, zullen we ook iets moeten veranderen aan het onderliggende mechanisme.
Programma ZE&GG
Het programma Zorgevaluatie en Gepast Gebruik (ZE&GG) is hierbij cruciaal. Het Linnean Initiatief is momenteel in overleg met ZE&GG overleg hoe we beter kunnen samenwerken. Vanuit dit perspectief zie ik ook voldoende toekomst voor ons Linnean. In de paragraaf geneeskundige zorg van het kabinet staan opvallend veel doelen waarbij het Linnean Initiatief echt kan helpen. Zo zijn we al bezig met het oprichten van een werkgroep ‘Stoppen met niet-passende zorg’.
Hogere eigen bijdrage; zorgmijden?
Bij sommige andere kabinetsvoornemens heb ik bedenkingen. In ons land bestaan grote gezondheidsverschillen, vooral veroorzaakt door de zogenoemde armoedekloof. Mensen aan de verkeerde kant van de ‘kloof’ hebben een slechtere toegang tot zorg. Met het huidige eigen risico mijdt deze groep al zorg. De beoogde verhoging naar 460 euro is ronduit problematisch. Voor een gezin met drie kinderen loopt het kostenplaatje straks op tot vijf keer een zorgpremie én vijf keer een eigen risico van 460 euro. De neiging om zorg te vermijden zal dus alleen maar groter worden, en dat is geen goede ontwikkeling. De rekening hiervan zullen we later gepresenteerd krijgen.
Werken tot je 73ste jaar?
Het kabinet wil ook de AOW-leeftijd verder laten stijgen. Ook hiervan vraag ik me af of dit verstandig is. Ik ben bijna 65 en werk al 38 jaar in de zorg. Dat begint te tellen. Mijn kinderen van rond de dertig zouden dan tot hun 73e moeten blijven werken. Ik vroeg onlangs een jongere collega of hij zichzelf al tot die leeftijd ziet doorwerken. “Moet ik niet aan denken,” was het antwoord. Toch is dit een belangrijk onderdeel van het financieel plan van het nieuwe kabinet.
Omdat juist oudere werknemers meer gezondheidsproblemen hebben zul je serieus moeten investeren in het gezond en inzetbaar houden van deze groep, anders is dat AOW-plan simpelweg niet uitvoerbaar. Ook voor zorgmedewerkers gaat het niet alleen om kwantiteit, maar ook om kwaliteit van leven. Effectief beleid dat zich daarop richt zie ik in de praktijk helaas nog maar weinig. Bovendien zijn de effecten van preventie pas op langere termijn zichtbaar. Het moeilijker maken om aan sigaretten te komen is een prima plan, maar voorlopig melden zich nog dagelijks mensen met door roken veroorzaakte klachten bij het ziekenhuis.
Linnean bij conferentie VWS
Op de uitstekend georganiseerde VWS-conferentie Uitkomstgerichte Zorg & Transparantie op 29 januari verzorgde het Linnean Initiatief twee deelsessies. Tijdens de bijeenkomst werd op het hoofdpodium duidelijk uitgesproken dat passende zorg en transparantie van uitkomsten de norm moeten worden. Dat, en de zorgparagraaf in het coalitieakkoord van het nieuwe kabinet zijn hoopgevend. Maar een agenda is nog geen plan. De afgelopen twee jaar kende VWS maar liefst zeven ministers en we hebben nu een minderheidskabinet. De vraag blijft dus in hoeverre het nieuwe beleid tot uitvoering zal gaan komen.
Juist nù is het zaak om volle bak te gaan voor implementatie van passende zorg. Daarover zou het Linnean Initiatief heel graag het gesprek aan willen gaan met Sophie Hermans, de nieuwe minister van VWS.