Terugkoppeling vragen uit de webcast ‘Sturen op Uitkomsten én Kosten: van Theorie naar Praktijk'

06-05-2026
80 keer bekeken

Op 3 maart 2026 vond de Linnean webcast plaats: ‘Sturen op Uitkomsten én Kosten: van Theorie naar Praktijk’. Sprekers gingen in op hoe zorgorganisaties effectief kunnen sturen op patiëntwaarde en wat dit oplevert voor professionals, management en patiënten.

Centraal stond de verbinding tussen denken en doen: echte zorginnovatie ontstaat immers pas wanneer inzichten en methodieken landen in de dagelijkse praktijk. Bestuurders, managers, controllers, projectleiders en onderzoekers deelden daarom hun ervaringen met het toepassen en doorontwikkelen van methodieken voor passende en doelmatige zorg, en hoe verbeterinitiatieven kunnen worden geëvalueerd op hun impact voor de patiënt.

Tijdens de webcast was er sprake van een levendige discussie, met veel vragen vanuit de deelnemers in de chat. In dit bericht koppelen we hierop terug: alle gestelde vragen zijn inmiddels zorgvuldig verzameld en beantwoord. Hiermee bieden we verdere verdieping en handvatten voor iedereen die met deze thema’s aan de slag wil. Lees het antwoord op de vragen hieronder.

1. In hoeverre helpt het Linnean stappenplan u om te sturen op uitkomsten in relatie tot kosten? (Lisa)

Mariska Hackert: Deze vraag komt aan bod in de webcast op 15:34 min. (link).

2. Wat is er volgens jou nodig om verschillende managementlagen effectief te laten samenwerken? (Marie-Louise)

Alina van Kalmthout: Deze vraag komt aan bod in de webcast op 23:35 min. (link).

 

3. Is dit ook voor andere ziekenhuizen onderzocht, qua enthousiasme van besturen? (Sabine)

Alina van Kalmthout: Enthousiasme alleen is niet voldoende, er is ook kennis, strategie, klinische betrokkenheid en consistent leiderschap nodig, met de juiste beschikbare data, om een algehele transformatie te bewerkstelligen. Wij hebben onze studie uitgevoerd in twee Santeon huizen: het Catharina Ziekenhuis en het Maasstad Ziekenhuis. Onderzocht moet worden in hoeverre onze resultaten toepasbaar zijn in andere ziekenhuizen.

4. Is deze webcast ook later nog terug te kijken voor collega's die vanavond niet konden aansluiten? (Alex)

Mariska Hackert: Ja, de webcast is terug te kijken via deze link.

5. Kunnen jullie ook nog een heel concreet voorbeeld geven over hoe zo'n dashboard met informatie over kosten en uitkomsten gecombineerd er dan uit ziet? (Rosa)

Alina van Kalmthout: Het dashboard wat wij voor ogen hebben is nog niet ontwikkeld. De gedachte is een ziekenhuisbreed managementdashboard te ontwikkelen, dat in de basis bestaat uit dezelfde uitkomsten- en kostendata vanuit het elektronisch patiëntendossier, waarin verschillende uitkomsten-kosten modellen weergegeven kunnen worden (zoals de spider chart, QCI of MCDA), afgestemd op de behoeften van stakeholders op de verschillende managementlagen. Dit ziekenhuisbreed managementdashboard helpt om verschillende managementlagen effectief met elkaar te laten communiceren en samenwerken, waardoor het sturen op uitkomsten in relatie tot kosten mogelijk wordt gemaakt.

6. Zijn er ook voorbeelden dat zulke dashboards met externen zijn gedeeld? Lijkt me een mooi vertrekpunt om gesprek met zorgverzekeraar aan te gaan? (Stacey)

Gijs van Steenbergen: De spider charts worden gedeeld via publicaties en met de partners uit de regio. Er loopt een project met zorgverzekeraars waar het gebruik van de spider charts ook wordt geëvalueerd.

Jean-Bart Bügel: Nee, wij hebben dat nog niet gedaan; ik wil het eerst intern tot een goed werkende PDCA brengen.

Margriet van Baar: We delen het BC-QCI model nu wel al via publicaties, maar we zijn nog niet zo ver dat we het al gebruiken om te sturen, en daarmee ook nog niet zo ver dat we het extern kunnen delen.

7. In hoeverre zijn de tools voor jou bruikbaar om te sturen op uitkomsten in relatie tot kosten? (Timon)

Gijs van Steenbergen: We gebruiken de spider charts systematisch om te sturen op uitkomsten en kosten. Hoe we dit doen hebben we recent gepubliceerd. In deze publicatie lichten we het gebruik en de inbedding uitvoerig toe: link.

Jean-Bart Bügel: Naar mijn idée prima, maar dan wel de combinatie van dashboards op procesindicatoren die de uitkomsten/kosten op beïnvloeden.

Margriet van Baar: We hebben binnen de Alliantie Brandwondenzorg Nederland een dashboard met uitkomsten, dat wordt gedeeld met de drie brandwondencentra. De kosten en de combinatie van kosten en effecten in een QCI index zijn daarin nog niet opgenomen. Het is zeker de ambitie om dat te doen. Dan kan men ook sturen op deze uitkomsten.

8. Ik vind de spider best ingewikkeld lezen, heb eigenlijk meer tijd nodig om beter te begrijpen wat er staat en wat dat dan betekent. Kan je de publicatie delen waarin de spider uitgelegd wordt? (Rosa)

Gijs van Steenbergen: In deze publicatie staat de spider chart beschreven: link.

 

9. Alles start met goede data. We ervaren zelf (in België) dat instituten niet steeds (financiële) data willen delen. Hoe ga je daar mee om? (Rani)

Gijs van Steenbergen: Wij gebruiken data van Nederlandse Hartregistratie. Zij hebben een samenwerking met DHD (een instantie die alle declaratie data van ziekenhuizen aggregeert) welke kosten data koppelt aan klinische data. Deze kunnen wij opvragen voor wetenschap of voor kwaliteitsprojecten.

Jean-Bart Bügel: Omdat we het vooral intern gebruiken hebben we geen last van dit punt.

Margriet van Baar: Wij gebruiken de data uit de Nederlandse Brandwonden Registratie (NBR) voor het zorgvolume. De kosten zijn gebaseerd op eerder wetenschappelijk onderzoek in combinatie met huidige richtlijnen. Daarmee hebben we een mooi compleet overzicht.

10. Mooie weergave! Hoe hou je in de spider chart rekening met onzekerheid? (betrouwbaarheidsinterval)? (Anneke)

Gijs van Steenbergen: In de chart zelf wordt gewerkt met ruwe getallen. De chart gaat gepaard met een tabel met mean/medians afhankelijk van de spreiding. Hierbij zijn ook p-waarden opgenomen. Zie bijv. deze link.

12. Klinkt alsof zo'n spiderplot enorm veel werk is, om de juiste parameters bij elkaar te kiezen en krijgen. Als je het voor indicatie A hebt opgezet, gaat het voor indicatie B dan sneller? (Stacey)

Gijs van Steenbergen: Het maken van de spider charts is een initiële investering, mede ook voor het zorgvuldig selecteren van de op te nemen parameters. Dit doen we stapsgewijs in multidisciplinair verband (hier uitleg over dit proces bij TAVI: link). Na dit proces doorlopen te hebben voor de patiëntenpopulatie of behandelgroep van interesse is er een vaste set aan parameters die we opnemen in de charts.

 

13. Is er ook onderzoek gedaan niet alleen naar de vermindering van kosten maar ook naar de vermindering van declaratiewaarde tov deze kosten (daar waar de doelmatigheid zorgt voor 'lichtere' DBC's) (Gielen)

Gijs van Steenbergen: Goed idee! Wij hebben dit onderzoek nog niet verrichten maar werk hier graag aan mee mocht dit initiatief reeds worden uitgewerkt.

Jean-Bart Bügel: Nee, nog niet omdat we voor het grootste deel aanneemsommen hebben ter willen van de transformatie.

Margriet van Baar: Inderdaad een mooi idee. We zijn binnen de Alliantie druk bezig met nadenken over optimale, en dus  efficiënte inzet van mensen en middelen in de zorg; dit past daar helemaal in.

14. Ik ben wel benieuwd wat de PREM was voor de introductie bij de oncologische chirurgie in het St Franciscus. Is dit heel veel hoger geworden door de introductie van deze metingen? (Harriet)

Jean-Bart Bügel: We kijken vooral naar de NPS score. Deze is aanzienlijk gestegen in de afgelopen jaren.

15. Wordt er ook al gewerkt met de PROMIS set zoals geadviseerd door NVZ/NFU? (Coen)

Gijs van Steenbergen: Niet naar mijn weten.

Jean-Bart Bügel: Sinds kort wel omdat we nu de PROMS in HiX registreren. We hebben een project gestart voor de (her)implementatie.

Margriet van Baar: Ja, onze PROMs zijn in belangrijke mate gebaseerd op de PROMIS set zoals geadviseerd.

16. Is het voorspelmodel geclassificeerd als een medisch hulpmiddel en zo ja, wat was het effect op de doorlooptijd en inzetbaarheid? (Norbert)

Mariska Hackert: In het KOMPAS-project ontwikkelen we een (gepersonaliseerd) voorspelmodel om patiënten en artsen in een samen beslissen gesprek zo goed mogelijk te informeren wie op welke manier het best zou kunnen immuuntherapie zou kunnen afbouwen (waarbij we primair ziekteopvlamming proberen te voorkomen). We zijn op dit moment gestart met de ontwikkeling van het voorspelmodel – en zullen spoedig starten te onderzoeken of we dit ook als medisch hulpmiddel moeten laten registreren.

17. Wat is de grootste uitdaging die je ziet in het realiseren van alternatieve bekostiging? (Marie-Louise)

Tijn Kool: Een van de grootste uitdagingen is het opschalen ervan. Kleinschalige experimenten met een lokale verzekeraar zijn nog wel te realiseren maar het opschalen naar landelijk met alle zorgverzekeraars zal in het huidige systeem uitdagend zijn.

18. Wordt bij het principe van afbouwen, ook rekening gehouden met geneesmiddelenconcentraties (Therapeutische Drug monitoring)? (Rani)

Mariska Hackert: Voor de ontwikkeling van het voorspelmodel – in het KOMPAS-project – maken we gebruik van data van patiënten die eerder behandeld zijn in de Santeon ziekenhuizen. Het gaat hierbij om o.a. medicatievoorschriften/uitgiften. Om deze reden hebben we geen informatie over geneesmiddelenconcentraties in het bloed.

 

Heeft u de webcast gemist of wilt u deze terugkijken? In het eerdere bericht zijn de opnames van alle drie de rondes beschikbaar gesteld, inclusief aanvullende informatie per onderdeel.

Lees hier meer over de webcast en bekijk de videoopnames

 

    Afbeeldingen

    Kennis en achtergrond

    Volg Linnean online

    Linnean Initiatief op YouTube  Linnean Initiatief op LinkedIn

    Over ons

    Het Linnean Initiatief is een landelijk netwerk van koplopers en aanjagers van waardegedreven zorg. 

    Lees meer

    Linnean-netwerk

    Ook deelnemen aan het Linnean-netwerk?
    Sluit u aan bij het netwerk.

    Contact

    Stichting Linnean Initiatief
    KvK: 75738007

    Neem vooral contact met ons op voor meer informatie, tips of suggesties.

    linnean@zinl.nl
    Contact

     

     

    Cookie-instellingen