Cardioloog Mark Boogers van het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC), als een van de initiators sterk betrokken bij HARTc, vertelt hoe de acute hartzorg in de regio hierdoor enorm is verbeterd.
Patiënten onnodig in het ziekenhuis
Aan de basis van het opzetten van HARTc stonden volgens Boogers twee belangrijke ontwikkelingen; onnodige opnames en logistieke problemen.
‘Enerzijds zagen we door de vergrijzing een toename van het aantal patiënten én van patiënten met complexere problematiek; die meerdere ziektebeelden tegelijk vertonen. Bij hartklachten werden patiënten voorheen vrij laagdrempelig naar het ziekenhuis vervoerd, zodat de gehele beoordeling van de patiënt in het ziekenhuis plaatsvond. Het voorkomen dat een acuut hartprobleem wordt gemist is logisch, maar we zagen echter in de periode vóór HARTC, dat veel van deze patiënten die in het ziekenhuis kwamen, tot wel 80%, uiteindelijk niets ernstigs bleek te hebben.
Daarnaast werden patiënten vaak naar het dichtstbijzijnde ziekenhuis vervoerd, of naar het ziekenhuis waar de patiënt al bekend was. Daar kon men op de spoedeisende hulp meestal nog wel terecht, maar bleek vervolgens dat er geen opnamecapaciteit beschikbaar was. Dan moest iemand alsnog worden overgeplaatst.’
Van idee naar brede regionale samenwerking
Daarop ontstond de vraag of die prehospitale triage én de logistieke routering niet slimmer konden worden georganiseerd. De zorgketenpartners zijn toen een eerste concept gaan uitwerken. Daarna werd er gekeken welke partijen allemaal nodig waren om dit regionaal uit te kunnen gaan rollen. Vervolgens werd er een stuurgroep opgericht met vertegenwoordigers van alle stakeholders; het Leids UMC, Alrijne Zorggroep en het Groene Hart Ziekenhuis, de Ambulancedienst Hollands Midden (RAVHM), de huisartsen, vertegenwoordigers van patiëntenverenigingen, het ROAZ en de zorgverzekeraars.
Boogers: ‘In de stuurgroep zaten ongeveer twaalf vertegenwoordigers. Onder de stuurgroep hebben we verschillende werkgroepen gehangen die specifieke onderdelen gingen uitwerken. Zo kwam er een medisch-inhoudelijke werkgroep die ging nadenken over het vraagstuk: “welke patiënten moeten daadwerkelijk naar het ziekenhuis worden vervoerd en welke kunnen thuis blijven?” De ICT-werkgroep ging over het veilig uitwisselen van data en het koppelen van systemen. In de juridische werkgroep draaide het om vragen als: mag je deze patiëntengegevens wel delen en wat zijn de privacybeperkingen?’
Twee jaar werken aan draagvlak HARTc
Volgens Boogers kostte het veel tijd om alle partijen op één lijn te krijgen. ‘Het heeft zeker twee jaar geduurd voordat alle neuzen dezelfde kant op stonden. Daarna zijn we onderzoek gaan doen en hebben we de werkwijze kunnen valideren. Uit de studie die we hebben uitgevoerd bleek dat ons concept echt werkte. We hadden dus uiteindelijk een gevalideerde zorgwerkwijze, die de gesprekken over structurele financiering op gang hielpen. Sinds 2020 is HARTc volledig operationeel.’
Koudwatervrees
Vanuit de deelnemende ziekenhuizen is er een cardioloog beschikbaar voor HARTc die de triage telefonisch voor zijn/haar rekening neemt. De nieuwe manier van werken betekende wel een cultuuromslag. ‘Er was in het begin enige scepsis. Want, is het wel veilig om patiënten thuis te laten zonder dat een cardioloog ze fysiek heeft gezien?’ Maar naarmate de eerste resultaten zichtbaar werden, groeide het vertrouwen snel. ‘Dan krijg je een vliegwieleffect. Mensen gaan erin geloven en vervolgens kun je het systeem verder uitbreiden.’ Ook van buiten de eigen regio ontstond er interesse in het HARTc-concept.
Triage niet alleen bij hartinfarcten
Volgens Boogers onderscheidt HARTc zich van andere initiatieven doordat het systeem breder kijkt dan alleen acute pijn op de borst of infarctzorg. ‘We passen ook triage toe bij andere hartklachten, zoals hartkloppingen of wegrakingen.’
Er wordt ook gekeken naar nieuwe landelijke ontwikkelingen zoals een troponinetest die al in diverse regio’s wordt ingezet. De troponinetest is een bloedtest die wordt gebruikt om hartschade op te sporen of uit te sluiten, voornamelijk bij vermoedelijke hartaanvallen. Troponinen zijn eiwitten die in de bloedbaan vrijkomen wanneer de hartspier is beschadigd. Deze test moet uiteindelijk landelijk worden ingezet.
Voordelen HARTc
Sinds HARTc operationeel is, is er veel verbeterd binnen de regio:
- De ziekenhuisinstroom is lager geworden.
- Meer patiënten komen direct op de juiste plek terecht.
- Minder verplaatsingen van patiënten en ambulanceritten.
- Ambulancepersoneel krijgt feedback 'on the job' waardoor hun cardiologische kennis flink toeneemt.
- Patiënten met minder ernstige klachten kunnen thuis of op de huisartsenpraktijk blijven.
‘Een effect dat ik zelf aanvankelijk onderschatte, is het netwerk dat ik aan de HARTc-stuurgroep heb overgehouden. Als we iets nieuws willen opzetten, kunnen we dit netwerk van mensen in de regio makkelijk benaderen. Dat werkt heel erg prettig.’
Uitdagingen: personeel en financiering
Toch zijn er ook uitdagingen. Vooral de personele inzet blijft kwetsbaar. ‘Je hebt cardiologen of andere professionals nodig die direct beschikbaar zijn als de ambulance belt. Dat vraagt veel van de cardiologen. Ook de ambulance professionals zijn extra werk kwijt aan HARTc. Voor de cardiologen geldt, dat je werkzaamheden op de triagedag moet aanpassen. Je kunt niet tegelijkertijd een dotterbehandeling doen én de telefoon continu opnemen.’ Daarom draait HARTc alleen overdag tussen 09.00 en 21.00 uur door de week, tijdens deze uren is het aanbod van patiënten ook het hoogst. Vanuit dit perspectief, willen we toe werken naar een bredere rol van triagist, waarbij niet alleen een cardioloog dit werk kan doen, maar ook ander goed geschoolde professionals.
Op langere termijn ziet Boogers ook mogelijkheden voor uitbreiding van het concept door de inzet van kunstmatige intelligentie. ’Uiteindelijk zouden we graag naar een AI-model willen waarbij een deel van het triagewerk ondersteund wordt door computers, in combinatie met andere zorgprofessionals. Maar dat is nog toekomstmuziek.’
Ook de bekostiging vraagt volgens hem om verandering. ‘Het huidige financieringssysteem met de facultatieve prestatie beloont bij ingestuurde patiënten. Dat is eigenlijk de verkeerde prikkel. We moeten toe naar financiering op basis van het werk dat je verricht, bijvoorbeeld het triageconsult zelf, en niet zozeer hoeveel patienten je instuurt naar het ziekenhuis.’
Ambities komende jaren
De ambities voor de komende jaren zijn evenwel groot. ‘We willen HARTc verder uitrollen binnen de cardiologie in Nederland en uiteindelijk naar een uniform systeem dat eenvoudig te kopiëren is naar andere regio’s.’
Daarnaast kijkt men naar uitbreiding met andere specialismen, dit in de vorm van SMART triage. ‘We werken aan een digitaal platform waarin bijvoorbeeld ook neurologen en kinderartsen kunnen deelnemen. Smart triage is een mooie ontwikkeling op het gebied van prehospitale triage en kan uiteindelijk veel breder toegepast worden. Ook wordt gekeken naar verdere samenwerking met huisartsen en thuismonitoring. Kunnen we bijvoorbeeld aan de betrokken huisartsen direct een specifiek advies meegeven voor de patient? Daar liggen nog veel kansen.’
Ondanks alle uitdagingen blijft volgens Boogers vooral de gezamenlijke aanpak de kracht van het project. ‘We doen het echt met elkaar. Dat maakt HARTc uniek. Het is een bijzonder voorbeeld van een samenwerking tussen verschillende partijen in de zorg binnen een regio en we zijn ook nog lang niet klaar.’
Meer weten over HARTc? Mail dan naar: info@hartc.nl.